De functionele ego toestanden
De functionele ego toestanden zijn gebaseerd op de klassieke ego toestanden en gaan een stap verder door te laten zien hoe deze zich uiten in gedrag, afhankelijk van de situatie. De ego toestanden Ouder en Kind kennen beide twee vormen. Zowel de Ouder als het Kind vertonen zowel positieve als negatieve gedragingen:
Structurerende Ouder
De structurerende Ouder geeft grenzen en kaders aan. In het dagelijks leven kan dat heel prettig zijn. Er ontstaat structuur en overzicht. Te veel structurerende Ouder kan dominant en bazig gedrag veroorzaken.
Voedende Ouder
De voedende Ouder is zorgzaam en heeft vertrouwen in je. De voedende Ouder kijkt met mildheid naar jou en anderen. Te veel voedende Ouder kan verstikkend of betuttelend voelen.
Aangepast Kind
Het aangepast kind doet wat gezegd wordt en past zich gemakkelijk aan. Dat kan positief werken als je bijvoorbeeld samenwerkt aan een project of als je samen tot oplossingen wilt komen. Te veel aanpassen kan leiden tot passiviteit of juist tot rebellie.
Natuurlijk Kind
Het natuurlijk Kind is vrij, spontaan, creatief en volgt de eigen behoefte. Deze krachten inzetten kan positief werken in het dagelijks leven. Als je het te veel inzet word je egoïstisch waardoor het juist averechts werkt.

De functionele ego toestanden helpen je jouw autonomie te vergroten. Wanneer je vanuit je Volwassen ego toestand handelt en gebruik maakt van de positieve kanten van de Ouder- en Kind ego toestanden, gebruik je de krachten van de verschillende ego toestanden in het hier en nu.